# #
Homepage > Thema's > NBMV > Voogdij

Voogdij

De taken van de voogd 

De Belgische wetgeving definieert de taken van de voogd zonder een precieze definitie te geven van de rol van de voogd. Kort samengevat zijn de taken van de voogd:

  • De pupil vertegenwoordigen in de verschillende stappen in de verblijfprocedures en andere juridische of adminstratieve procedures;
  • Het indienen van een asielaanvraag of een verblijfsaanvraag;
  • De beslissingen die genomen zijn door de autoriteiten uitleggen aan de minderjarige;
  • De beroepen uitoefenen;
  • Aanwezig zijn tijdens de interviews in de asiel- en verblijfsprocedures;
  • Een advocaat toewijzen;
  • Zorg voor de minderjarige dragen (onderwijs, psychologische steun, gezondheid);
  • Waken over het vinden van een passende huisvesting (niet bij de voogd thuis);
  • Zorgen voor respect voor de politieke, filosofische en godsdienstige overtuiging van de minderjarige;
  • De goederen van de minderjarige beheren zonder ervan het genot ervan te hebben;
  • De nodige stappen nemen zodat de minderjarige de nodige hulp krijgt van de autoriteiten;
  • Het zoeken naar een duurzame oplossing voor de minderjarige;
  • Alle nodige stappen ondernemen om de familie van de minderjarige terug te vinden;
  • Rapporteren over de situatie van de minderjarige op vaste momenten: binnen de 15 dagen na de toewijzing als voogd, elke 6 maanden gedurende de voogdij en binnen de 15 dagen na het aflopen van de voogdij.


De taken van de Dienst Voogdij

De Dienst Voogdij valt onder de Federale Overheidsdienst (FOD) Justitie. Bij het onstaan werd het belangrijk geacht dat de Dienst Voogdij onafhankelijk was van het migratie- en opvangbeleid. De Dienst Voogdij heeft voornamelijk de volgende taken :

  • De verantwoordelijkheid opnemen voor niet-begeleide minderjarigen vanaf het moment dat hun aanwezigheid op het grondgebeid of aan de grens wordt opgemerkt;
  • Het eerste contact nemen met Fedasil voor de opvang;
  • De NBMV identificeren;
  • Het toewijzen van de voogden;
  • De voogden selecteren;
  • Het werk van de voogden coördineren en controleren.

Wie kan voogd worden ? 

Elk privépersoon of lid van een vereniging kan voogd worden. De Dienst Voogdij kan protocolakkoorden afsluiten met verenigingen en openbare instellingen van de sector en verantwoordelijk voor de begeleiding van NBMV om hun werknemes als voogd te erkennen.

De Voogdijwet is niet zo duidelijk wat betreft de vereiste criteria met betrekking tot opleiding, ervaring, enz. om voogd te worden. Er staat alleen beschreven dat de Dienst Voogdij moet nagaan dat de kandidaat enige kennis bezit over de materie van de basisopleiding. De Dienst Voogdij controleert ook de vakbekwaamheid van de voogd en meer bepaald zijn capaciteit om een vertrouwensrelatie met de minderjarige op te bouwen, zijn bereidwilligheid om een optimale follow-up te garanderen, om met de minderjarige de geschiktste oplossingen te bedenken, om hem bijstand te verlenen in het kader van procedures en interviews,… Het komt erop neer na te gaan of de voogd de nodige menselijke kwaliteiten heeft om zijn opdracht uit te voeren.

De Dienst Voogdij controleert verder nog of de kandidaat-voogd een persoon is die niet erkend kan worden, i.e.

  • De personen bedoeld in artikelen 397 en 398, 1° en 2° van het Burgerlijke Wetboek. Concreet gezien zijn het personen die niet de vrije beschikking over hun goederen hebben, dus personen die zelf onder voogdij werden gezet. De personen  die bijvoorbeeld na een beslissing van de jeugdrechtbank zijn ontzet van het ouderlijke gezag, die een kennelijk slecht gedrag hebben, van wie het beheer getuigt van onbekwaamheid of ontrouw, de persoon die zelf, of van wie de echtgenoot, tegen de minderjarige een rechtsgeding voeren waarbij de staat van de minderjarige, zijn vermogen of een aanzienlijk deel van zijn goederen zijn betrokken;
  • De personen die door de uitoefening van hun bevoegdheden schade kunnen toebrengen aan de belangen van de minderjarige. Er wordt een dergelijk belangenconflict  vermoed voor de personeelsleden van: FOD Binnenlandse Zaken – het Directoraat-generaal van de Dienst Vreemdelingenzaken, het CGVS en de RVV.

Een zeker aantal personen is, hoe dan ook, niet aangewezen om de taak van voogd op zich te nemen. Opgelet! Het is nodig om een onderscheid te maken tussen erkenning als voogd en aanwijzing als voogd voor een bepaalde NBMV. Bepaalde personen kunnen doodeenvoudig niet erkend worden, terwijl anderen in de volgende situaties niet mogen aangewezen worden:

  • De erkende personen die zelf (of van wie de echtgenoot, de wettelijk samenwonende, de feitelijk samenwonende, een bloedverwant in de opgaande lijn of in de nederdalende lijn is) tegen de minderjarige een rechtsgeding voeren waarbij de staat van de minderjarige, zijn vermogen of een aanzienlijk deel van zijn goederen zijn betrokken;
  • Een erkende persoon die ambtshalve instaat voor het opvangen van NBMV in een onthaalcentrum of in een lokaal opvanginitiatief (LOI) beheerd door een OCMW of die de leiding heeft van soortgelijke instelling;
  • Een erkende persoon die lid is van de Raad voor Maatschappelijk Welzijn van een OCMW;
  • Een erkende persoon die lid is van de Gemeenteraad van de gemeente bediend door een OCMW.

Als de voogd ook het beroep van advocaat uitoefent, kan hij evenmin de advocaat van zijn pupil zijn. Deze zal een andere advocaat nemen om zijn belangen te verdedigen en zijn rechten te doen gelden in alle procedures.

Vooraleer een kandidaat te erkennen, heeft de Dienst Voogdij eerst een informatief gesprek met hem over zijn motivatie en bekwaamheid inzake de problematiek van NBMV en zijn omkadering. De kandidaat-voogden die in het kader van een protocolakkoord met een vereniging zijn erkend moeten niet op gesprek moeten komen bij de Dienst Voogdij.

Voogd worden 

De personen die voogd van een NBMV wensen te worden, moeten een schriftelijke aanvraag indienen bij de Dienst Voogdij. Daarbij moeten ze een dossier van kandidaatstelling indienen, een getuigschrift van goed gedrag en zeden (Model lI) bevat, evenals alle nuttige stukken waaruit hun opleiding en/of bekwaamheid inzake de problematiek van niet-begeleide minderjarige vreemdelingen en van hun begeleiding blijkt.

Elke kandidaat die aan de wettelijke voorwaarden voldoet, zal op gesprek komen bij de Dienst Voogdij, met het oog op hun erkenning als kandidaat-voogd.